“IJssellandschap gaat voor evenwicht tussen ecologie en economie”

Judith Snepvangers, algemeen directeur IJssellandschap

Sinds 1 maart is Judith Snepvangers algemeen directeur van IJssellandschap, de particuliere stichting die ruim 4.500 hectare aan landgoederen en landerijen rondom Deventer beheert. Judith is de opvolgster van Jaap Starkenburg, die maar liefst 20 jaar aan IJssellandschap verbonden is geweest.

Wie is Judith Snepvangers?
“Als dochter van een Brabantse boomkweker heb ik de liefde voor het platteland en alles wat groeit en bloeit van huis uit meegekregen. Na mijn opleiding fysische geografie heb ik bij TNO en Deltares tien jaar lang hydrologisch onderzoek gedaan; het bestuderen van de stromen van het grondwater. Daarna heb ik tien jaar bij Stichting Landschap Overijssel gewerkt. Hier werkte ik aan de verbinding van boeren, burgers en buitenlui met natuur- en landschapswaarden. Vervolgens was ik twee jaar regiomanager bij LTO-Noord waar mijn focus lag op het creëren van ruimte om in landelijk gebied goed te kunnen ondernemen.”

Waarom nu IJssellandschap?
“Hier komen mijn twee liefdes bij elkaar. Het landschap als plek waar wilde planten en dieren groeien vanuit zon, water en bodem. En waar vanuit diezelfde elementen de mens ook gewassen en (landbouw)dieren laat groeien. Ik vind het erg belangrijk om die twee op een goede manier bij elkaar te brengen, en dat sluit goed aan bij IJssellandschap.
Het is altijd balanceren tussen draagkracht en gebruik. Het is nooit eenvoudig en nooit zwart-wit. Het landelijk gebied is EN een bedrijventerrein waar ondernemers mogen floreren EN een landschapspark waar mensen genieten van de schoonheid van natuur en cultuurhistorie EN een woonplek waar mensen persoonlijke woonwensen hebben EN de belangrijkste plek voor natuur en biodiversiteit. Deze functies verdragen elkaar niet altijd als directe buur. De uitdaging die mij bij IJssellandschap aantrekt is om daar een langjarige balans in te vinden.

Wat is je eerste impressie?
“Ik ben onder de indruk dat IJssellandschap, met een klein team, het beheer en ontwikkeling van haar gebieden zo goed georganiseerd heeft. Het is een organisatie met heel veel expertise, gericht naar buiten en voortdurend de samenwerking en het gesprek opzoekend met allerlei maatschappelijke organisaties, overheden, ondernemers en initiatiefgroepen.”

“We beheren 20% van het buitengebied rond Deventer. Onze natuurterreinen zijn de groene longen van de stadsrand. Plekken waar mensen in groten getale willen genieten en beleven. Zeker in deze tijd. Daar maken we ook echt ruimte voor met bijvoorbeeld mountainbikeroutes en een hondenlosloopgebied, maar ook met plekken waar rust en stilte de belangrijkste waarden zijn. Ook dat is op iedere plek zoeken naar balans. Ik vind het bijvoorbeeld erg mooi dat we met vrijwilligers ouderen en zorgbehoevenden ontvangen om ze in de natuur te laten bewegen en te ontspannen. Daarnaast werken we tijdens het landschapsonderhoud samen met vrijwilligers en met mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. IJssellandschap probeert het landschap echt voor zo veel mogelijk verschillende mensen waardevol te laten zijn.”

Sommigen zeggen: “Hoezo natuur en landschap? Ze komt van LTO…”
“Ik ben dat wel gewend. Toen ik nog bij Landschap Overijssel werkte was ik ‘die boerin’, toen ik bij LTO aan de slag ging was ik ‘die groene’ en nu bij IJssellandschap krijg ik van sommige boeren weer het stempel van de natuurbeschermer opgeplakt, terwijl de ‘groene’ mensen wijzen op mijn LTO-verleden. Maar ik ben gewoon mezelf, sta midden in het speelveld. Dat is waar het gesprek tussen ‘natuur’ en ‘landbouw’ moet plaatsvinden. Dat kan alleen goed als beide zijden ruimte bieden aan de ambities en behoeften van de ander. Mede door de invloed van social media zijn gesprekken tussen natuur en landbouw nogal eens gepolariseerd en eisen beide kanten met grote woorden hun gelijk op. Dat vind ik erg jammer. Uiteindelijk gaat het over langjarige ontwikkeling, zowel in de natuur als in de landbouw, waarbij beide behoefte hebben aan continuïteit en een stabiel beleid. Dat kan alleen als we stap voor stap met elkaar naar evenwicht zoeken om oplossingen te vinden.” 

Dat kan lastig zijn, bijvoorbeeld bij het gebruik van pesticiden, zoals glyfosaat.
“Direct bij mijn indiensttreding werd door de media naar mijn mening gevraagd over glyfosaat. Als je het niet verbiedt, ben je blijkbaar vóór deze middelen, maar zo eenvoudig is het niet.” Judith denkt even na. “IJssellandschap heeft al een aantal jaren geleden de duidelijke keuze gemaakt om géén chemische bestrijdingsmiddelen te gebruiken voor het beheer van onze terreinen. Ook in de volkstuinen staan we het niet toe. Chemische stoffen passen niet bij een gezond milieu en een gezond landschap.

De pachtwetgeving biedt voor een verbod geen ruimte, aangezien er geen landelijk verbod bestaat. Het pachtrecht biedt pachters exploitatievrijheid. Bewust gebruik stimuleren we wel, door bijvoorbeeld ruimte te bieden aan een demonstratieveld, waar nieuwe manieren van grondbewerking gedemonstreerd worden.

Een verbod kan overigens wel als je kortlopende pachtcontracten afsluit. Daarom geven sommige beheerders, zoals gemeenten, aan dat ze wel overgaan op een verbod. Wij geven bij voorkeur grond uit in langlopende pachtcontracten omdat wij willen dat boeren langjarig investeren in de grond en de bodemkwaliteit. Een gemiddeld bedrijf boert al drie generaties op onze grond. We bouwen stap voor stap met elkaar aan duurzaam ondernemerschap. Via het Overijssels Particulier Grondbezit werken we met andere verpachters samen om er voor te zorgen dat duurzaamheidseisen onderdeel gaan uitmaken van alle pachtovereenkomsten.

We ondersteunen boeren financieel die willen overschakelen op een biologische bedrijfsvoering. We hebben een randenbeheerregeling waarmee pachters kilometers akkerrand en ruigterand kunnen aanleggen op hun landbouwgrond. Mooi is dat veel van onze pachters hieraan meedoen.

Wat ik verder als nieuwkomer leuk vind, is dat we altijd een stap verder zetten. In 2013 zijn we met Annette Harberink van de Natuurderij Keizersrande een uniek experiment begonnen om te boeren voor de natuur in de uiterwaarden. Christian en Sanne Klein Koerkamp zetten op dit moment met Heerlijkheid Linde een volledig nieuw concept neer om boerderij, burger en landschap te verbinden. Voor dergelijke nieuwe, experimentele concepten staat IJssellandschap altijd open. Ik vind het fantastisch om daar de komende jaren aan te blijven werken.”

Wat zijn verder de plannen voor de komende jaren?
“Allereerst goed voor onze gronden en gebouwen zorgen; goed beheer is onze basis. Vervolgens hebben we voor ontwikkelingen drie speerpunten geformuleerd; het klimaat- en energievraagstuk, de duurzame landbouw én we willen, samen met andere partijen, het landschap blijven vormgeven en ontwikkelen.”

Het klimaat- en energievraagstuk. Hoe dan?
“Zowel de effecten van klimaatverandering een plek geven, zoals meer ruimte voor waterberging, dijkverzwaring en het tegengaan van verdroging als ruimte bieden duurzame energie-opwekking is landschappelijk gezien een grote opgave. Ook woningbouw, bedrijventerreinen en het extensiveren van de landbouw doen een beroep op de schaarse ruimte.

Binnen onze organisatie zijn we daar actief mee bezig. Denk aan de aanplant van klimaatrobuuste boomsoorten en het stimuleren van zonnepanelen op de daken van onze pachtwoningen. Dat kunnen we zelf. Maar ook met samenwerkingspartners als de waterschappen om beken opnieuw in te richten of om meer grondwater vast te houden onder onze bossen.

In onze recente visie op energie-opwekking ‘IJssellandschap in Wind & Zon’, hebben we het, naast deze eigen inzet, ook over de grote impact die grootschalige wind- en zonneparken hebben op het landschap. En hoe deze in onze ogen het beste passen in het landschap van de IJsselvallei. Ook dat is een keuze die over balans gaat: hoe weeg je het huidige landschapsschoon tegen toekomstig verlies van waterveiligheid en biodiversiteit door klimaatverandering? Ik vind het mooi te zien dat iedereen binnen IJssellandschap over dit onderwerp meepraat: bestuur, medewerkers, pachters en Raad van Advies. Dan kom je ook voor zo’n pittig onderwerp tot een goed afgewogen visie.“

Ten slotte….
“IJssellandschap bestaat maar liefst 754 jaar, en zorgt al eeuwenlang goed voor haar bezittingen en de mensen en dat willen we uiteraard tot in lengte van jaren blijven doen. Klimaatverandering en verduurzaming van de landbouw stellen ons voor grote opgaves maar ik heb er alle vertrouwen in. Salland staat immers bekend als een regio waar misschien weinig wordt gepraat maar des te meer wordt gedaan. En waar ze goed zijn in samenwerken.”

Van den Boom tekstproducties, mei 2021

Nieuwsbrief