Het valt op als je er langs komt. De weilanden aan de Bockhorsterstraat zien er net wat anders uit dan andere jaren. Bloemen en meer variatie.
Remon Keurhorst, landgoedboer bij de Haere in Olst is deelnemer aan het project IJsselboeren: een groep van 8 melkveehouders langs de IJssel, waarvan 3 pachtboeren van IJssellandschap, die samen werken aan een duurzamere manier van boeren.
Vier jaar lang experimenteren zij met een andere aanpak. Minder mest, geen kunstmest, en minder koeien per hectare. Het doel: minder stikstofuitstoot, een gezondere bodem en een toekomstbestendige bedrijfsvoering.
Minder (kunst)mest heeft natuurlijk voor de bedrijfsvoering, en daarmee de inkomsten, wél gevolgen. De grasopbrengst daalt, en daarmee ook de melkproductie. Of zoals Remon het zelf zegt: “er groeit hier nu minder melk op het land”. Maar er verandert natuurlijk meer. Doordat het land minder intensief wordt bemest, verschuift de balans in de bodem. En dat zie je terug boven de grond: bloemen krijgen meer ruimte, insecten keren daarmee terug: het weiland wordt zichtbaar diverser. Uiteraard worden de percelen (tenzij natuurgrasland) wel binnenkort gemaaid voor de grasopbrengst, de koeien moeten immers blijven eten!
De 8 boeren doen dit samen. Ze delen kennis en zoeken met elkaar naar wat werkt en hoe de opbrengst op deze manier toch op peil kan komen. In een pilotperiode van 4 jaar worden ze vanuit de overheid gecompenseerd voor de lagere opbrengst, zodat proefondervindelijk kan worden onderzocht en ervaren hoe deze manier van boeren ook op de lange termijn rendabel kan zijn. Het is ook spannend om de bedrijfsvoering na jaren ook echt anders doen. De compensatie is een goede stimulans om daadwerkelijk stappen te kunnen zetten om te blijven zorgen voor de voedselproductie in balans met bodem, water en omgeving .
Minister Jaimy van Essen, is in april op werkbezoek geweest bij de IJsselboeren, ook Judith Snepvangers, algemeen directeur IJssellandschap was daarbij.

